Betonpoeren zijn onmisbaar voor de realisatie van stevige en stabiele funderingen bij diverse bouwprojecten. Een uitbouw, tuinhuis, carport of schutting gaat niet scheef staan of zakt weg in de ondergrond wanneer de staanders of palen op betonpoeren worden geplaatst.
Bovendien functioneren de poeren als ‘echte beschermheren’ voor de staanders. Omdat ze niet rechtstreeks in de grond worden geplaatst maar er een eindje boven komen te staan krijgt optrekkend vocht geen kans om de staanders aan te tasten waardoor ze veel langer meegaan. Dit neemt echter niet weg dat betonpoeren door een aantal oorzaken ook kunnen verzakken. In deze blog lees je hoe dit komt en welke maatregelen je kunt nemen om dit te voorkomen.
Betonpoeren zijn goed bestand tegen vocht. Toch kan juist dit een reden zijn waarom de poeren gaan verzakken. Wanneer grond- en hemelwater rondom een betonpoer blijft staan omdat het niet weg kan zal het vroeg of laat gaan verzakken. Ook wanneer een betonpoer niet op de juiste wijze wordt geplaatst kan dit als gevolg hebben dat een bouwconstructie toch gaat verzakken.
Een andere belangrijke factor die mee kan spelen bij een verzakking is de ondergrond waarin de poeren worden geplaatst. Klei- of veengrond neemt veel hemelwater op waardoor het in hoeveelheid toeneemt. Wanneer deze grondsoort echter uitdroogt gaat het krimpen. Deze grond is dus niet zo geschikt om betonpoeren in te plaatsen omdat er een grote kans is op beweging en verzakken.
Om de oorzaken van verzakking tegen te gaan is het dus noodzakelijk om de ondergrond waarin de betonpoeren worden geplaatst goed voor te bereiden. Dit kun je onder andere doen door een drainage rondom de poeren aan te leggen. Ook bij klei-of veengrond is het goed om drainage, gestabiliseerd zand of een laag grind aan te brengen. Hierdoor wordt tevens de druk van een bouwconstructie gelijkmatig in de ondergrond verdeeld.
Bij zwaardere constructies, of om de kans op verzakkingen überhaupt te verkleinen, is het aan te bevelen om de betonpoeren op funderingstegels te plaatsen. Plaats de poeren zeker voor zo’n 2/3 gedeelte in de ondergrond.
Ook wanneer de gehele bouwconstructie éénmaal staat is het goed om regelmatig te controleren of de betonpoeren niet verzakken.